Kentekenregistratie & Boetes

De RDW heeft het beheer over het kentekenregister en dat kentekenregister is van belang in verband met het opleggen van boetes. Vaak is er sprake van onjuiste registraties en dat heeft tot gevolg dat onschuldige burgers bestraft worden. De kentekenhouder is op basis van art 5 WHAV (Mulder) aansprakelijk voor de verkeersgedragingen met het voertuig maar hij heeft wel de mogelijkheid zich te verweren en beroep te doen op zijn onschuld of overmacht

Dat is anders, en daar gaat het vooral fout, bij de verzekeringsplicht voor wettelijke aansprakelijkheid (art 2 WAM) en de keuringsplicht APK (art 71 WvW). Door de koppeling van de aansprakelijkheid aan de kentekenregistratie is de kentekenhouder strafbaar als er geen WA-verzekering is afgesloten. De kentekenregistratie door de RDW is bepalend voor de veroordeling van de kentekenhouder. Ook als het voertuig is gesloopt en er ook geen schade kan worden aangericht door de deelname aan het verkeer. Er is dus een plicht tot verzekeren terwijl er geen te verzekeren belang is en u uw kentekenregistratie niet kunt verzekeren.

Die strafbaarstelling is in strijd met art 6 EVRM, het onschuldbeginsel. Hier is sprake van een juridische fictie namelijk, dat “degene, die in het kentekenregister van de RDW staat geregistreerd” hetzelfde is “als met het voertuig aan het verkeer deelnemen of laten deelnemen”

De RDW bepaalt wie als kentekenhouder staat geregistreerd. Correctie wordt niet met terugwerkende kracht toegestaan en de RDW houdt de correctie af bijvoorbeeld, omdat de kentekenhouder niet geregistreerd staat in het bevolkingsregister of dat de betrokken kentekenhouder niet op het juiste formulier het correctieverzoek heeft gedaan of omdat betrokken niet een proces-verbaal van de politie heeft overgelegd etc.etc.

De RDW wordt in strijd met de uitspraak van het EHRM nog steeds niet door de bestuursrechter verplicht de onjuiste registraties ongedaan te maken met terugwerkende kracht.

De oplegging van de boetebeschikking vindt plaats door de RDW op grond van een vergelijking door de RDW van door de RDW beheerde registers. Het nalaten of het handelen van de kentekenhouder heeft daar geen enkele invloed op. De kentekenhouder wordt (i.s.m. art 4.8 Awb) niet gehoord.

De boete wordt opgelegd door de RDW wanneer er een registercontrole door de RDW plaatsvindt. De plaats waar de “verkeersovertreding” plaats vindt is te Veendam alwaar de RDW is gevestigd. Er komt geen verkeersgedraging aan te pas. De kentekenhouder kan zich niet op zijn onschuld of overmacht beroepen!

Wet Mulder

Boetoplegging vindt plaats door verzending per gewone post van de boete. Komt u niet tijdig in beroep binnen 6 weken na verzending dan staan die boetes vast (onherroepelijk). Dat is heel gevaarlijk want dan volgen er, als u niet betaalt, automatisch verhogingen tot 300 % plus alle kosten, dan komt de deurwaarders langs met een dwangbevel, dan wordt uw rijbewijs ingenomen, de politie komt aan de deur die dreigt u te gijzelen of neemt u mee naar het bureau om u te gijzelen.

Er wordt tegen u gezegd dat u niet meer tegen de oorspronkelijke beschikking in beroep kan en ook dat u tegen de andere maatregelen geen beroep in kan stellen. Dat is niet waar!!!

Komt u in beroep tegen de beschikkingen dan vervalt de rechtsgrond onder de genoemde executiemaatregelen en dan krijgt u bijvoorbeeld geen verhogingen etc. Van belang is dat u altijd beroep bij het CVOM (officier van justitie) in stelt wanneer u een boete krijgt opgelegd of een daarmee samenhangende maatregel, zoals verhogingen, dwangbevel, inneming rijbewijs, (dreigende) gijzeling. Indien de officier van justitie uw beroep afwijst dan moet u binnen 6 weken na verzending van de afwijzing beroep instellen bij de rechter. U moet dan op voorhand de oorspronkelijke boete betalen, tenzij u aantoont dat u hier de financiële middelen voor mist.

De beslissing van de rechter kan wel twee jaar of nog langer duren. Al die tijd kunt u sparen om de eventuele boete te betalen en uw beroep intrekken als u de boete kan en wil betalen.

Gijzeling

Dit is een bizarre en onrechtmatige manier van vrijheidsbeneming door de politie als maatregel ter incasso van boetes ten behoeve van het ministerie van Veiligheid en Justitie. Incasso van schulden behoort niet tot de wettelijke taak en bevoegdheid van de politie en is dus onrechtmatig.

Per gewone post wordt een oproeping toegestuurd voor de gijzelingszitting bij de rechter. Een onooglijk briefje, waaruit je als gewone burger niet kan concluderen dat je vrijheid op het spel staat. (in strijd met art 586 t/m 589 wetboek van Rechtsvordering). In de meeste gevallen verschijnt de betrokkene niet op de zitting en wijst de rechter, zonder toetsing van de onwil te betalen, de machtiging tot gijzeling toe. Dan heeft de politie de mogelijkheid u op te sluiten. In strijd met het wetboek van rechtsvordering (art 430 lid 3 en 591 t/m 598 Rechtsvordering) wordt zonder dat de machtiging wordt betekend u als een verdachte ingesloten. Een machtiging tot gijzeling ontvangt u niet. Het kost moeite te achterhalen om welke boetes het gaat. U krijgt geen advocaat en u wordt niet voorgeleid binnen korte tijd voor een rechter, die de rechtmatigheid van het gebruik van de machtiging tot gijzeling toetst.

De betalingsverplichting blijft bestaan ook na de gijzeling.

Om een eind te maken aan de gijzeling moet u onmiddellijk in beroep gaan tegen de boetebeschikking en een kort geding aanspannen

Klik om in beroep te gaan